Cajón

Cajon

zelfbouw cajón, berkenhout, 45 x30 cm, april 2001


zij-, achter-, onder  en bovenkant: berken triplex 9 mm dik
voorkant:  berken triplex 3 mm dik

De cajón (spaans voor kist), komt oorspronkelijk uit het Peru van de 19de eeuw. Het is een houten percussie-instrument en wordt in Peru al lange tijd gebruikt in de volksmuziek.
In de jaren '70 werd de cajón geintroduceerd als ritme-instrument in Spanje door Manuel Soler, destijds percussionist bij de groep van de gitarist Paco de Lucía. In Spanje wordt het tegenwoordig vooral gebruikt als percussie-instrument bij Flamenco muziek.

De cajón is geheel van hout gemaakt, oorspronkelijk meestal van mahonie of ceder, maar modernere uitvoeringen bestaan er in allerlei soorten hout, bijvoorbeeld berken (zie foto links) Het voorblad van de cajón bestaan uit dun (3 mm) triplex en fungeert als trommelvel. De cajón wordt geheel gelijmd, alleen het voorblad wordt geschroefd.  De bovenste hoeken van het voorblad zijn niet vastgeschroefd zodat deze los kunnen resoneren. Aan de achterkant of aan de zijkant van de cajón zit een rond klankgat.

De speler zit op de cajón en slaat er met zijn handen op de voorkant en soms ook op de zijkanten.  Ook worden wel kwastjes gebruikt. Het midden van het voorblad maakt een bass-achtig geluid, de hoeken maken een snare-achtig ratelend geluid.

De cajón is een prima ritme-instrument voor bandjes die ook wel eens akoestisch willen oefenen zonder compleet drumstel. Een cajón is licht en makkelijk te vervoeren.
Een cajón is met wat handigheid zelf makkelijk te maken voor een paar tientjes aan hout, lijm en schroeven.


nancajon42.jpg (22223 bytes)


Manuel Soler op de cajon.

LeonMobley.jpg (15514 bytes) koar.jpg (29909 bytes)